Prazan prostor među nama koji može i da ne postoji, zo luidt de titel van de nieuwe plaat van Servische postpunkformatie Repetitor. Volgens zanger en gitarist Boris Vlastelica is de titel losjes te vertalen naar De ruimte tussen ons die al dan niet bestaat. Een ogenschijnlijk metafysisch geladen titel, maar een simpelere uitleg dan misschien gedacht wordt volstaat. Vlastelica vertelt over de nieuwe plaat, over de huidige staat van de Balkan-scene en de problematische status van originaliteit anno 2021.

Tekst: Micha Zaat
Foto’s: Filip Tasić

Het is een druilerige zondagmiddag als ik Boris spreek via Zoom. Hij in Belgrado, ik in Rotterdam. Ondanks de absolute afstand van ruim 1800 kilometer lijken deze steden erg op elkaar volgens Vlastelica: “Beide scene’s kennen een do it together-mentaliteit; de scene als een collectieve inspanning.” Hij geeft aan dan ook graag te spelen in Nederland: “Als ik Nederland binnenrijd vanuit Duitsland, voel ik me ineens weer vrij”, aldus Vlastelica. De band heeft hier inmiddels een aardige status opgebouwd: met shows in onder andere WORM (Rotterdam) en OCCII (Amsterdam) is Repetitor een graag geziene gast in de Nederlandse underground.

Na wat onhandigheden met de internetverbinding (lees: een enorme vertraging in de verbinding waardoor we steeds dwars door elkaar heen praten om vervolgens ook gelijktijdig weer onze excuses aanbieden) vraag ik Vlastelica waar de opmerkelijke en intrigerende titel van het album vandaan komt. Hij vertelt dat de titel slaat op zijn verlangen om dichter bij iemand te willen komen zodra je voelt dat er een klik is met diegene. “Ik heb het dan meer over het metafysische dan het fysieke”, legt hij uit. “Toen ik dit schreef dacht ik veel aan het publiek tijdens een optreden, wat vaak achter een hek staat, waardoor een lege ruimte ontstaat tussen de artiest en het publiek. Door de pandemie heeft deze zin natuurlijk ook een hele nieuwe lading.”

Ook als het gaat over de manier waarop de band heeft geprobeerd zijn emoties in de muziek te verweven, richt het gesprek zich al gauw op de huidige stand van zaken. Door de algehele teneur van deze tijd waren de drie bandleden niet altijd in de stemming voor hun gebruikelijke zware gitaarriffs. De twee laatste nummers op het album zijn zelfs melancholisch van aard. Er heerst een zeker gevoel van frustratie en verdriet. Daarnaast hebben Vlastelica en bandgenoten Ana-Marija Cupin en Milena Milutinović zich in de aanloop naar dit album meer verdiept in de simpliciteit van hun muziek. Ze wilden met minder meer lading creëren. Wat er uiteindelijk nog wél staat draagt meer spanning met zich mee, is Vlastelica’s filosofie.

Op de Bandcamp-pagina van de band staan de vertalingen van de songteksten uit het Servisch naar het Engels. Opvallend is een zin uit ‘Kost i koža’: ‘Your words like earrings made of glass just like decorations, just like NATO weapons and me, I’m siting here, with blood up to my elbows.’ Een ogenschijnlijk politiek geladen zin, met een verwijzing naar de NAVO, die een hoofdrol speelde in de Joegoslavische Oorlogen (1991-2001). Vlastelica vertelt dat hij het nummer schreef naar aanleiding van zijn reizen door West-Europa. Tijdens zijn reizen ervoer hij dat de vooroordelen over Servië als land van louter oorlog en misdaad, een land dat volledige verantwoordelijkheid draagt voor alle oorlogen op de Balkan en de slachtoffers daarvan, veel frustraties bij hem opriepen. “Het idee van Servië als het land van de genocide steekt me, omdat ik me afvraag of de Westerse landen zoveel beter zijn. Wie vermoorde de meeste mensen in de gehele geschiedenis?” Het nummer is een kritiek op het Westerse imperialisme, inclusief het whitewashen van misdaden begaan door het Westen, met primair de Verenigde Staten als aanstichter, maar ook met de Europese Unie als trouwe bondgenoot. Het succesvol normaliseren van Westers geweld is het resultaat van een geweldige propagandamachine, meent Vlastelica. “Het Westen weegt de oorlog in Servië vele malen zwaarder dan zijn eigen oorlogsverleden. Ze bombarderen nota bene nog steeds onschuldige mensen.”

Toch wil Vlastelica zich niet actief in het politieke debat mengen met de teksten van de band. Hij vindt het simpelweg oppervlakkig daar de nadruk op te leggen. Zijn teksten zijn geen politieke tirades met als doel de wereld te veranderen. Liever heeft hij het over persoonlijke zorgen waaruit bepaalde thema’s – waaronder politiek – voortkomen, en vertelt hij het verhaal van echte mensen met echte zorgen. Dat doet hij dan ook in ‘Kost i koža’, een nummer dat gaat over een voorval dat twee jaar geleden plaatsvond in Belgrado. Toen werd een maffiose vastgoedmagnaat neergeschoten door een vrouw die net uit haar huis was geplaatst door de handlangers van genoemde vastgoedmagnaat. Deze vrouw is sindsdien uitgegroeid tot een soort volksheld.

Het zal geen luisteraar van Repetitor ontgaan: de band zingt in het Servisch. Het geeft een verfrissende, uitdagende dimensie aan de muziek van het drietal. Als Vlastelica uitlegt hoe hij zelf tegen zijn taalkeuze aankijkt, refereert hij terug naar de titel van het album en zijn ideeën over de mentale ruimte die tussen mensen kan ontstaan. Hij legt uit dat hij zijn gedachten zou moeten vertalen als hij niet in zijn moedertaal zou zingen. Dit zou er vervolgens voor zorgen dat er een lege ruimte ontstaat tussen de muzikant en de luisteraar, een ruimte die zorgt voor de verstoring van het signaal dat Repetitor probeert over te brengen op de luisteraar.

Vlastelica kijkt niet alleen met trots naar zijn moedertaal, maar ook naar de muziekscene van Belgrado. “Voor mij is Belgrado momenteel een van de meest interessante plekken ter wereld voor rock-’n-roll. We hebben tientallen hele goede nieuwe bands. Er is een hele scene van jonge mensen die alternatieve muziek maken.” Er komt zelfs een kleine glimlach tevoorschijn als hij toegeeft dat zijn band, enorm geliefd binnen de scene, daar de afgelopen vijftien jaar wellicht wat mee te maken heeft gehad. Dan duikt Vlastelica nog even de geschiedenis in: trots vertelt hij dat Joegoslavië het eerste socialistische land was dat in de late jaren zeventig en de vroege jaren tachtig invloeden vanuit Westerse rock-’n-roll toeliet. Het legde volgens Vlastelica de basis voor de scene die nu bestaat, een scene waarin muzikanten elkaar ondersteunen en lol maken met elkaar.

“Het is zinloos om in 2021 nog te proberen origineel te zijn. Wat moet ik doen? Een vleermuis eten op het podium? Ook dat is al gedaan!”

Doorbreken, media-aandacht krijgen of het wiel opnieuw uitvinden, dat staat in de scene van Repetitor & co. lager op de prioriteitenlijst. “Onze bandnaam steekt juist de draak met originaliteit. We zeggen nee tegen het idee dat alles origineel moet zijn om ‘goed’ te zijn. Authenticiteit is vele malen belangrijker. We zoeken niet krampachtig naar originaliteit. In plaats daarvan proberen we zo goed mogelijk te doen wat we doen, en boven alles te zorgen dat het publiek een leuke avond heeft. Het is zinloos om in 2021 nog te proberen origineel te zijn. Wat moet ik doen? Een vleermuis eten op het podium? Ook dat is al gedaan! Alles is een afgeleide van iets anders, en dat omarmen we.”

Prazan prostor među nama koji može i da ne postoji is uit via Moonlee Records.

Gepost door:Micha Zaat

Werkt voornamelijk 's nachts. Micha is naast part-time stukjesschrijver voor Front ook stagiair bij de Groene Amsterdammer en muzikant.