We schrijven 2019. De lente belooft haar jaarlijkse vruchten. Soulwax brengt een remix uit van Marie Davidson, ‘Work It’. Net als met ‘Standing In The Way Of Control’ van Gossip twaalf jaar eerder tilt de remix een al bestaande clubhit naar mainstream status. Je kon, in Nederland en België, geen dansvloer oplopen zonder deze vroeg of laat te horen.

We schrijven 2020. De lente zwijgt. Na drie maanden zonder dansavonden of festivals begin ik me af te vragen wat dat betekent voor (de beleving van) dansmuziek. Tuurlijk, Four Tet of Caribou blijven we wel luisteren. Maar producties die meer op energie dan compositie leunen, halen die de herfst? Was de ‘Work It’-remix ook een hit geworden voor Soulwax als het dit jaar uitgebracht was?

‘Future Fantasy’ van Krystal Klear schiet door het hoofd. En niet alleen vanwege de toepasselijke naam. Met ‘Neutron Dance’ had de Ierse producer een van de grootste vloerverbranders van 2018. Alle volgende releases en remixen wisten ook hun weg naar de massa te vinden. ‘Future Fantasy’ kwam in april uit, heeft alle vertrouwde Krystal Klear elementen (tegen italo aan schurende recht door zee disco met een Stranger Things meets Dark terug naar de toekomst-appeal), maar sloeg nog geen deuk in een packje fanny. 

Het is mooi om te zien dat er weer veel in beweging komt. Zonovergoten terrassen. Concerten voor dertig uitverkorenen. Eindelijk Honey Boy kunnen zien in het filmhuis. Of nog een keer Interstellar met een handjevol mensen in zaal 1 van het Rembrandt Theater. Maar voordat het nachtleven weer draait, zijn we waarschijnlijk een jaar verder. Pakken we dan de draad weer op bij maart 2019? Vinden mensen het vet om dan alsnog die Krystal Klear te horen? Ik denk het niet. In ieder geval niet massaal. Momentum weg. Hitpotentie weg. 

Het verklaart waarom naast bands (die een release niet kunnen opvolgen met een tour) ook veel producers weinig uitbrengen. Ik ben als dj volledig geconditioneerd om in de aanloop naar het weekend heel het net af te struinen naar nieuw materiaal voor mijn sets. Van hits in wording tot signature songs die (hoop je dan) jij alleen draait. Het is niet overdreven dat ik dat (twee vakanties van twee weken uitgezonderd) vanaf mijn zeventiende zevenentwintig jaar lang voor ieder weekend gedaan heb. 

In tijden van corona blijkt alleen het gemoed van de dag bepalend voor mijn luistergedrag. Een uur lang ‘The Revolution Will Not Be Televised’ op repeat na het zien van alle droefenis in Amerika. Een hele dag Japanse muziek na het zien van een oude Kore-Eda-film. Een hele week dubben op welk liedje van The Smiths in de volgende popquiz moet komen. Ja, ik ben werkloos. 

Dat brengt mij weer terug bij de nacht. Zijn er nog wel dj’s over wanneer we eindelijk weer mogen? En dan bedoel ik niet de mensen die al een baan hadden en het er altijd gezellig naast gedaan hebben, maar gewoon, DJ’s. Iedereen die – zoals een ander een winkel begint en weer een ander een welverdiende stethoscoop omhangt na jaren van studeren – alles opzij gezet heeft om zijn of haar grootste wens in vervulling te laten gaan. Waar staan we straks met zijn allen, wanneer de TL-buizen uitgaan en de rookmachines aan? 

Bevriende dj’s met gezinnen zijn nu al aan het solliciteren op andere banen. Jonge, opkomende dj’s zagen hun moment verdwijnen en wonen weer bij hun ouders; de bevochten voet tussen de deur niets meer dan een pluisje op de wind. De dj’s die het voorrecht hebben gekend wat opzij te zetten, leven van het zelf bijeen gesprokkelde pensioen. Een volle kop met haar, iedere dag nog als een hinde langs de Utrechtse kanalen en leven van je pensioen. Zo ziet voorrecht er in de zomer van 2020 uit.

Shoutout naar alle collega’s. 

En alle prematuur gestorven hits. 

Toch is er hoop. Op de zevende dag schiep de Oerknal de vijf oerbehoeftes. De behoefte om goed voor ouderen te zorgen. De behoefte om je uit te spreken tegen onrecht. De behoefte om te sporten. De behoefte om het labeltje terug in iemands kraag te stoppen. En de behoefte om te dansen. Die laatste zal het hardnekkigst blijken.

Er gaan dingen veranderen. Pompjes met ontsmettingsgel naast de kastjes met oordopjes en automaten met poncho’s. Nooit meer met zijn allen na het plassen uit dezelfde bak met snoephartjes graaien. Maar geen smetvrees zal de homo saltatio kunnen scheiden van zijn of haar dansvloer. Want dansen gaat verder dan gezelligheid. Dansen doe je op de vloer. Onder stress. Tegen de bierkaai. En over de regenboog. 

Sweat, dripping down your balls.”
– Marie Davidson

Gepost door:Paul Nederveen

DJ St. Paul Where There's Music And There's People