Jarenlang opereerde Sasami Ashworth in de schaduw van anderen. Ze maakte soundtracks voor films en reclames, werkte als muzieklerares op een school in Los Angeles en schreef in de studio mee aan albums van Curtis Harding, Wild Nothing en Hand Habits. Twee jaar geleden was ze als bandlid op tour met Cherry Glazerr toen ze begon aan het solodebuut waarmee ze nu op eigen benen staat.

Tekst: Dirk Baart

Het is inmiddels al bijna tien jaar geleden dat Sasami Ashworth afstudeerde aan de Eastman School of Music, een conservatorium in Rochester, New York. Ze krijgt nog net geen ww-formulier bij haar diploma en realiseert zich dat de dik betalende banen voor muzikanten nu eenmaal niet voor het oprapen liggen. In de jaren die volgen sprokkelt Ashworth allerlei klussen bij elkaar om rond te kunnen komen. Niet met tegenzin, hoor: Ashworth stelt zichzelf juist in staat om het compositieproces van zo’n beetje alle kanten te bekijken. Ze is betrokken bij films als My Good Man’s Gone, Holy Hell en Light Therapy, waarbij ze haar muziek moeiteloos in dienst van beeld laat fungeren. Ze levert als instrumentalist en arrangeur bijdragen aan albums van bevriende muzikanten. En als die bands dan op tour gaan, dan gaat Sasami mee. Tenminste, al ze geen muziekles hoeft te geven in LA.

In 2016 is Ashworth op tour met Cherry Glazerr, de Californische garagerockband waarbij ze zich een jaar eerder als officieel lid aangesloten heeft. Tijdens schijnbaar eindeloze dagen in een bus op schijnbaar eindeloze snelwegen begint ze liedjes te schrijven. Gewoon uit verveling, vooral. “Het leven on the road heeft aan de ene kant natuurlijk iets romantisch”, vertelt ze vanuit Duitsland. De telefoonverbinding maakt haar stem nog wat scheller dan -ie is. “Maar het kan ook heel saai en monotoon zijn. Eigenlijk zijn er twee manieren om het leuk te maken: partying en fucking.”

Vooral over die laatste – en het gebrek eraan – gaat het op SASAMI, het debuutalbum dat uiteindelijk voortkwam uit Ashworths schrijfsessies op de achterbank. Op ‘Not The Time’ bezingt ze de relatie die uitging, vlak voor ze op de bewuste tour vertrok: ‘This is not the time or place for us, even though we tried to make it work.’ De breuk blijkt precies het zetje dat Ashworth nodig heeft. Niet alleen durft ze zichzelf eindelijk op de eerste plaats te zetten, ze heeft ook meer dan genoeg om over te schrijven. “Dat kwam goed uit, want normaal ben ik niet zo goed met woorden”, legt ze uit. “Gelukkig raakte ik vlak voor ik aan het album begon te werken ineens in de ban van poëzie, van gedichten van Leonard Cohen bijvoorbeeld.” Terwijl ze haar melodieën in de tourbus verzamelt op een iPad, loopt haar schrift pagina voor pagina vol met zinnetjes. Op bedachtzame indierocknummers met rafelige randjes als ‘Morning Comes’ en ‘Jealousy’ kruipt de zon aan de andere kant van het raam via haar oogleden naar binnen: ‘They say if you stare directly into the sunlight it can cause blindness / but if you shut your eyes and let it in / unrelenting heat, it seeps through your lids and soaks so deep / allow yourself to be flooded by the warmth.’

Stream of consciousness, in dat soort werk grossiert Ashworth op SASAMI, een album dat kabbelt maar geen moment verveelt en bij vlagen doet denken aan Ashworths soundtracks. In meerdere van haar meanderende nummers herhaalt ze keer op keer hetzelfde woord, alsof ze in de tourbus maar niet kon bedenken welke zin erop moest volgen en uiteindelijk besloot dat het zo gewoon het beste was. “Het werden een soort mantra’s, een poëtische formule. Het voelde ook een beetje alsof ik een bluesnummer schreef, terwijl ik natuurlijk helemaal geen bluesakkoorden gebruik. In dat soort muziek hoor je ook vaak hoe een bepaalde frase van betekenis kan veranderen als er andere akkoorden onder liggen.”

De stoute schoenen

Ashworth schrijft haar teksten op als brieven die ze nooit verstuurde, concepten voor sms’jes die ze nooit verzond. Ontvanger? “Everyone I fucked and who fucked me last year.” Het album vormt een manier om haar hart te luchten, om dingen uit te spreken die ze nooit durfde te zeggen. Toch blijft er nog één ding over waar Ashworth een tikje tegenop kijkt: ze moet haar bandgenoten nog vertellen dat ze stopt met Cherry Glazerr. In januari 2018 trekt Ashworth de stoute schoenen aan. “Dat was best moeilijk, want ik ben zo’n beetje mijn hele muzikale leven een ondersteunende kracht geweest. Aan die positie ben ik gewend.” Daar komt bij dat Ashworth pas voor zichzelf durf te kiezen als ze zeker weet dat ze aan haar eigen standaarden kan voldoen. “Ik ben een alles of niets-persoon. Ik investeer liever in één goed album dat ik analoog opneem in een goede studio dan dat ik tien albums achter elkaar maak die niet zo goed zijn als ik had gewild.”

Gelukkig heeft Ashworth de afgelopen jaren vrienden gemaakt die haar een handje helpen. Ze speelde met nieuwe indietalenten als Snail Mail en Soccer Mommy en sloot vriendschappen met alternatieve popvirtuosen Mitski en Japanese Breakfast, net als Ashworth muzikanten van Aziatisch-Amerikaanse afkomst die een steeds sterkere vuist maken binnen de nog altijd grotendeels witte en mannelijke indie muziekindustrie. “Ik heb het geluk dat ik deel uitmaak van een groep getalenteerde vrouwelijke muzikanten die elkaar steunt en zorgt dat de ander voor zichzelf op durft te staan. Het voelt wel alsof dat al makkelijker wordt dan het voorheen was. We moeten er onszelf alleen vaak genoeg aan herinneren.”

Haar samenwerkingen met andere muzikanten zijn een manier voor Ashworth om wat afstand te nemen, haar muziek niet alleen maar als werk te zien. Ze maakte SASAMI grotendeels met haar broer JooJoo, gitarist van shoegazeband Froth. “De transformatie van de demo’s die ik op tour had gemaakt naar een volledig album ging best soepel”, herinnert ze zich. “Het album was eigenlijk al af, we hoefden alleen nog maar beter klinkende versies van mijn ideeën te maken.” Daarvoor roept ze de hulp in van freakfolkicoon Devendra Banhart, de Franse actrice en zangeres Stéphanie Sokolinski alias Soko, Dustin Payseur van Beach Fossils en Hand Habits’ Meg Duffy, stuk voor stuk gewaardeerde krachten binnen de licht zweverige indiebubbel die inmiddels een klein decennium prat gaat op lo-fi esthetiek. “Mijn band verandert continu en ik schrijf al mijn muziek in m’n eentje, dus ik moet m’n vrienden wel vragen om bepaalde partijen in te komen spelen in de studio.” Een heuse shout out verraadt bijvoorbeeld dat de drums op ‘Adult Contemporary’ werden ingespeeld door Sheridian Riley, die onder meer met de Canadese tweepoprevelatie Alvvays tourde. “Ik was een beetje vrij aan het associëren terwijl ik aan het zingen was en zei ineens haar naam hardop. Het paste zo mooi in het ritme dat we het er uiteindelijk maar in hebben gelaten.”  

“Ik heb het geluk dat ik deel uitmaak van een groep getalenteerde vrouwelijke muzikanten die zorgt dat de ander voor zichzelf op durft te staan”

Dat soort momenten van spontaniteit zijn belangrijk voor Sasami. Ze herinneren aan het prettig gestoorde kind dat nog steeds ergens diep vanbinnen zit. Aan het kind dat op school zo eigenwijs was om de piano te verruilen voor de hoorn. Ook de momenten waarop Ashworth voor de klas staat, spelen daarin een rol van belang. “Ik heb een heel specifieke vorm van lesgeven die gebaseerd is op spelen en improviseren. Dat heeft mij als muzikant enorm geïnspireerd. Ik zie muziek niet alleen meer als mijn baan, maar ben ook in staat om het op een minder serieuze en eerlijkere manier te benaderen.”

SASAMI komt op 8 maart uit via Domino Records. Op 5 maart speelt Sasami haar eerste Nederlandse clubshow in de bovenzaal van Paradiso, Amsterdam. Benieuwd hoe haar album live klinkt? Stuur ons gerust een mailtje op frontblognl@gmail.com, want we mogen 2×2 mensen op de gastenlijst zetten.  

Gepost door:Dirk Baart

Oude ziel en notoir anglofiel. Dirk is mede-oprichter van Front, assistent-programmeur bij Poppodium EKKO in Utrecht en marketeer bij Into The Great Wide Open en Valkhof Festival.